Prinsjesdag… Elk jaar weer is niet alleen de boodschap somber, maar de presentatie ook. Somber en sober, niets te beleven.
Geen bede meer die een rel veroorzaakt, geen Claus meer met verwarde haren, Beatrix volledig in het grijs. Somber, saai, slaapverwekkend.
Onwillekeurig denk ik terug aan een jaar of wat geleden. Toen zag het er nog naar uit dat we in elk geval in de toekomst een spetterende, feestelijke Prinsjesdag zouden krijgen. Een Prinsjesdag die zijn naam eer zou aandoen.
Toen was er nog geen Mabel, toen ging nog het spannende gerucht dat Johan Friso homo was.
Dat was in meerdere opzichten veel beter geweest:
Friso's medehomo’s zouden zich eindelijk eens kunnen identificeren met een lid van het Koninklijk Huis. Want laten we eerlijk zijn: met al die zwijnen-, rokken- en straaljagende macho’s van Oranje, is het homoseksuele deel van de Nederlandse bevolking er tot nu toe bekaaid vanaf gekomen.
Bovendien zouden we dan eindelijk over één generatie verlost zijn van die ondemocratische, achterhaalde, miljoenen verslindende monarchie:
Willem Alexander kiest voor de liefde en verdwijnt met zijn Maxima naar de Argentijnse pampa’s. Ruimte genoeg om te racen en te jagen – en ze leefden nog lang en gelukkig.
Dus zou Johan Friso onze nieuwe koning zijn geworden. Met een leuke prins-gemaal aan zijn zijde.
Samen leggen de heren staatsbezoeken af, samen openen ze elk jaar gapend van verveling de Staten-Generaal (‘de prins-gemaal is gekleed in een oogverblindend roze jacquet’), samen openen ze met groot enthousiasme de Gay Games, samen happen ze elk jaar op 30 april koek.
Op alle koninklijke hoogtijdagen is het groot feest: party’s, muziek, rondvaarten, glitter and glamour. De Oranje-Prinsjes geven kleur aan ons bestaan, zelfs in economisch slechte tijden.
Ook zij leven lang en gelukkig. Samen worden ze oud, maar ze krijgen geen kinderen. Ze zadelen ons dus ook niet op met een al of niet capabele troonopvolger, die, of wij dat nu willen of niet, onze nieuwe koning of koningin wordt.
En dan, over een jaar of veertig, kiezen de Nederlanders voor het eerst in de geschiedenis eindelijk hun eigen staatshoofd.
Vanaf dan hebben we zelf in de hand of Prinsjesdag grijs en grauw wordt, of een jaarlijks terugkerend feest.
Leest er een Jan Peter de troonrede voor, dat houden we wat we hebben.
Maar kiezen we een Jeltje of een Erica, dan wordt het lachen.
De boodschap blijft hetzelfde, maar hij kan veel leuker worden verpakt.
Loes Gouweloos
zaterdag 26 juli 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten