zaterdag 26 juli 2008

Tuinterreur

Op de eerste zomerse zaterdag van het jaar installeer ik me vergenoegd op mijn balkon. Krantje erbij, kopje koffie erbij, zonnebrandcrème binnen handbereik. Ik sluit mijn ogen en voel hoe de prille zonnestralen mijn gezicht verwarmen. Het grote genieten kan beginnen.
Maar net als ik mijn eerste slokje koffie neem, barst er een hels lawaai los. Verschrikt spring ik overeind. In het parkje voor mijn huis staat een rij stoere overbuurmannen. Gewapend met heggenscharen, cultivators, hakelaren en andere huiveringwekkende vaderdagcadeaus. Allemaal elektrisch...
Dit zijn de ‘groenvrijwilliggers’, de trots van onze gemeente. Ze hebben deze zaterdag uitgekozen om het parkje onder handen te nemen. De heggen moeten worden geknipt en de lenteviooltjes vervangen door zomergoed.
Een schaar en een schepje zijn ruim voldoende. Maar de groenvrijwilligers willen hun van nieuwigheid glinsterende apparaten nu eindelijk wel eens gebruiken. Het gebulder neemt angstaanjagende vormen aan.

De overbuurvróuwen zie ik niet. Die zitten ongetwijfeld beschaamd binnen, achter de luxaflex, wachtend tot hun echtgenoten hun megaklus geklaard hebben.

Tot overmaat van ramp verschijnt er een fel beschilderde wagen van de Dienst Stadsbeheer.
Uit dit Pipo-de-Clownachtige voertuig springen mannen tevoorschijn met lichtgevende jacks. Ze rennen het anders zo vredige park in alsof er een terroristische aanslag moet worden verijdeld. Waarschijnlijk zijn ook zij daarom tot de tanden toe gewapend. Met levensgrote versnipperaars en elektrische trimmers.
Zuchtend ga ik naar binnen. Balkondeur dicht, ramen dicht, oren dicht.

Een half uurtje later inspecteren de groenvrijwilligers, voldaan leunend op hun cirkelmaaiers, het resultaat van hun noeste arbeid. Trots aanschouwen zij de twee miniperkjes in het park, waarin tweemaal tien piepkleine petuniaatjes nauwelijks hun hoofdjes overeind kunnen houden.

Dan komen de vrouwen naar buiten. Zwijgend inspecteren ze de oogst van deze machomiddag, lijdzaam ruimen ze de takkenzooi op.


Loes Gouweloos

Geen opmerkingen: