vrijdag 18 december 2009

Dambreuk

Elke dag is ze als eerste aan het ontbijt. En elke dag vertrekt ze daar als laatste. Mevrouw Havelaer-Meerdervoort haalt alles uit haar culturele reis van een week. In de bus zit ze vooraan, in de musea staat ze vooraan, en tijdens de maaltijden heeft ze het hoogste woord. Vooral aan het ontbijt.

Als wij allemaal nog wat slaperig plaatsnemen aan de ontbijttafel, zit zij al fris gewassen en perfect opgemaakt op haar stoel. Haren onberispelijk gekamd, lippen gestift, grote, krokodillenleren tas op schoot, en fonkelende ogen die alles en iedereen in de gaten houden. Niets ontgaat mevrouw Havelaer-Meerdervoort:
De jam die een andere was dan in het vorige hotel. Een gaatje in het tafellaken. Een mes met een vlekje erop: “Ober! Breng u even een nieuw mes? En goed oppoetsen graag!”.
Ondanks haar deftige voorkomen, dure kleren en fonkelende juwelen, ziet ze er op toe dat er niets wordt verspild. En ze let goed op de gezondheid van al haar medereizigers:
“Laat die roomboter nou staan, kind”, zegt ze elke dag weer tegen mij. “Het is ongezond, slecht voor de lijn, en Becel smaakt net zo goed.”
“Neemt u nu nog meer jam?”, vraagt ze aan de dame naast haar. “Het is toch niet nodig het er zo dik op te smeren, één zo’n cupje is toch ruim voldoende?”
Al gauw durven we nauwelijks nog beleg te nemen. We kauwen op boterhammen met flinterdunne plakjes 20-pluskaas, drinken zwarte koffie en thee zonder suiker, en vooral ontwijken we de strenge, allesziende blik van mevrouw Havelaer-Meerdervoort.

Normaliter kom ik altijd een kilo aan tijdens mijn vakanties, maar als ik dit keer aan het eind van de week in de bus stap, vallen mijn kleren ruimer dan een week geleden.

Op de terugweg zit mevrouw Havelaer-Meerdervoort, zoals altijd, parmantig voorin. Op de voorste bank, pal achter de chauffeur. Vertelt hem ongevraagd wat volgens haar de kortste route is. Ziet erop toe dat hij tijdig vaart mindert als we een afslag naderen. Wijst hem erop dat hij ruim afstand moet houden van de auto’s voor hem.

Lange tijd hoort de chauffeur haar zwijgend aan. Maar dan, als we de Nederlandse grens naderen, wordt het hem te veel. Een hele week heeft hij, net als wij, al het commentaar van mevrouw Havelaer-Meerdervoort aangehoord zonder te reageren – zoals het een professionele buschauffeur betaamt. Geen ruzie in de vakantie. En de klant is koning.

Maar deze klant heeft té veel praatjes, hij kan zich niet meer beheersen. Als mevrouw Havelaer-Meerdervoort zich voor de zoveelste keer voorover buigt (“Denk erom hoor: we mogen hier nog 120, maar na de grens nog maar 100”), heeft hij er genoeg van. “U heeft gelijk mevrouw”, zegt hij met luide stem, zodat iedereen in de bus het kan horen. Dan trapt hij hard op de rem, veel harder dan nodig.

Mevrouw Havelaer-Meerdervoort schiet naar voren, haar bril vliegt van haar neus, en haar krokodillenleren tas valt met een harde klap in het middenpad. Zo’n harde klap dat hij open valt.
Wat we dan te zien krijgen, is spectaculairder dan alle bezienswaardigheden van de voorgaande week. Een dambreuk.
Cupjes roomboter, pakjes hagelslag, theezakjes, suikerzakjes, cups met aardbeienjam, kersenjam en frambozenjam, rollen van voor naar achter door de bus. Ze stuiteren over het middenpad en rollen onder de banken. Met honderden tegelijk.
Mevrouw Havelaer-Meerdervoort heeft haar bril inmiddels gevonden, zet hem op haar neus en aanschouwt met paniek in haar ogen het strijdtoneel.
Want dat is het: al haar medereizigers duiken op de buit. We vangen de rollende cups op, we liggen plat op de grond om suikerzakjes onder de banken vandaan te halen, we gooien pakjes hagelslag terug naar voren:
“Vangen, mevrouw Havelaer-Meerdervoort!”
“Hier is nog wat boter, we willen niet dat u straks thuis te weinig te eten heeft!”
“Oehoe! Mevrouw Havelaer-Meerdervoort, hier is nog een jammetje! Komt ie!”

Opeens hebben we allemaal het hoogste woord.
Op een na.
Tijdens de rest van de rit zit mevrouw Havelaer-Meerdervoort ineengedoken voorin de bus. Haar armen stijf om haar tas geklemd, blik omlaag, bleek. En zwijgend. Eindelijk.

1 opmerking:

Renée Binnerts zei

Hilarisch!! En heel leuk om meegemaakt te hebben denk ik! Ik had er wel bij willen zijn!
Renée