Een inktvis die helderziend is. Wie gelooft het? Niemand toch zeker?
Maar toch: de Duitse octopus Paul in de dierentuin van Oberhausen heeft een indrukwekkende score. Van zes wedstrijden van het WK Voetbal is hem gevraagd wie de winnaar zal zijn. En zes keer had hij het goed.
Kan dat nog toeval zijn?
En als hij de uitslag kan voorzien, kan hij die dan ook beïnvloeden?
Dat is niet te hopen, want voor de finale Spanje-Nederland kent Paul geen genade. Als hij moet kiezen tussen een mossel in een potje met een Spaans vlaggetje erop en een met de Nederlandse driekleur, dwarrelt hij vastberaden richting Spaanse mossel...
Na een slechte, keiharde finale die alleen spannend is voor wie partijdig is, wint Spanje met 1-0. Nederland schopt meer naar de tegenstander dan naar de bal, dus het recht heeft gezegevierd. En de inktvis had opnieuw gelijk.
Balen voor alle Oranjesupporters. Al onze derde WK-finale, en alweer verloren. Op het nippertje, in de verlenging. Na een strijd op leven en dood. Wat een teleurstelling. Hoe moeten we dit verwerken?
Terwijl ik treurig voor me uit zit te staren, knalt buiten het vuurwerk. Ingeslagen om de overwinning te vieren, maar bewaren tot Oudejaarsavond is te veel gevraagd.
Dan hoor ik opeens een knal die veel harder is dan alle andere. Mijn oren piepen ervan. De overbuurman met een vuurwerkbom? Maar dan volgt nog een knal, en nog een. Zo oorverdovend hard dat ik weet dat dit iets anders moet zijn. Het lijkt wel een echte bom!
Ik kijk uit het raam.In het schemerdonker loopt een jongen van een jaar of 17 met grote stappen door het parkje.
Opeens draait hij zich om. Hij neemt een aanloop en springt met een hoog gestrekt been tegen een gemeentelijke papierbak aan. Zo hard als hij kan. Zijn schoen raakt het holle metaal met een enorme dreun. De bak wankelt.
Het lijkt op de doodschop die ‘onze’ Nigel de Jong eerder deze avond uitdeelde aan een Spaanse middenvelder. Goed voorbeeld doet goed volgen.
De jongen draait zich om, neemt weer een aanloop, en probeert het opnieuw. Bam!
Na de zesde schop is zijn ergste woede blijkbaar over en ziet hij in dat zijn missie, net als die van Nigel, heilloos is. Spanje heeft gewonnen en de papierbak staat nog steeds overeind.
De jongen springt op zijn fiets, kijkt nog even kwaad achterom, en racet vervolgens de straat uit.
Ik begrijp zijn frustratie. Maar toch, is er nou geen andere manier om je verlies te verwerken?
Van dat verlies van Oranje is de dagen na de finale overigens nauwelijks nog iets te merken. Als onze helden weer voet hebben gezet op Nederlandse bodem, wacht hen een ontvangst bij de koningin, een Koninklijke onderscheiding, een rondvaart door de Amsterdamse grachten en een massale huldiging op het Museumplein.
Een menigte van 200.000 dansende en springende mensen juicht hen toe. Wapperende vlaggen, schallende toeters, veel bier en veel muziek.
En spandoeken:
‘Oranje: bedankt!’
‘Welkom thuis, helden!’
‘De ware kampioenen!’
Dan ontwaar ik tussen al die grote spandoeken een kleiner exemplaar. Het wordt vastgehouden door een vrolijk lachend meisje van een jaar of 17.
Als ik lees wat ze erop heeft gekalkt, denk ik: hè hè, gelukkig, zo kun je ook verliezen.
Het meisje springt, zo hoog als ze kan. Ze lacht opnieuw en strekt haar armen opdat iedereen goed kan lezen wat er op haar spandoek staat:
‘Kutinktvis!’
Loes Gouweloos
juli 2010
zaterdag 17 juli 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten